Ga naar hoofdinhoud

Zeven trucs voor betere dataverhalen: deel I

Met de juiste ontwerpvaardigheden kunnen datateams argumenten kaderen en met data overtuigen. Dat was de belangrijkste les uit een recente aflevering van DataFramed met Andy Cotgrave, technical evangelist bij Tableau.
Bijgewerkt 2 okt 2026  · 3 min lezen

Verken met AI

ChatGPTClaudePerplexity

1. Maak dataverhalen met een duidelijke boodschap

Subtiele verschillen in ontwerp kunnen de interpretatie van een datavisualisatie door het publiek sterk beïnvloeden. Die keuzes zitten bijvoorbeeld in kleurgebruik, titel en annotaties.

Een indringend voorbeeld is Simon Scarr’s Iraq Bloody Toll, dat de dodentol van de Amerikaanse militaire interventie in Irak benadrukt. De neerwaartse staafdiagram in rood roept sterk het beeld op van het bloedbad in Irak, waardoor de visuele metafoor goed blijft hangen. Interessant genoeg verandert een simpele heroriëntatie en kleuraanpassing de boodschap volledig.

Figuur 1: Iraq’s Bloody Toll door Simon Scarr [Bron]

Datavertellers moeten deze kracht bewust en verantwoordelijk inzetten om hun argumenten over te brengen. Bij het vertellen van een ogenschijnlijk objectief dataverhaal is het belangrijk te letten op details in grafieken die vooringenomenheid kunnen versterken. Zo moeten assen bijvoorbeeld bij nul beginnen om misleidende correlaties te voorkomen.

Figuur 2. Dezelfde datapunten kunnen totaal verschillende resultaten suggereren [Bron]

2. Positioneer elementen in een dataverhaal doordacht

Het Gutenberg-principe stelt dat de ogen van een gebruiker bij het lezen van content een Z-vormig pad volgen van linksboven naar rechtsonder.

Figuur 3. Het Gutenberg-principe [Bron]

Toegepast op dataverhalen laat dit principe zien dat de belangrijkste informatie linksboven hoort te staan. Meer gedetailleerde informatie werk je uit richting de onderkant van de grafiek. Een call-to-action kan ook worden opgenomen rechtsonder in de grafiek, waar het einde van het kijkpad ligt.

3. Begrijp je publiek met behulp van ontwerpprincipes

Ontwerpprincipes kun je gebruiken om de ervaring van je publiek met dataverhalen te begrijpen. In het boek Design of Everyday Things stelt auteur Don Norman dat eindgebruikers alle objecten verwerken op drie emotionele niveaus–visceraal, gedragsmatig en reflectief.

  • Het viscerale niveau: Binnen de eerste seconde dat ze een grafiek zien, beoordelen gebruikers die op uiterlijk. Dat is het viscerale verwerkingsniveau, dat verwijst naar de diepgewortelde en automatische eigenschappen van menselijke emoties. Het uiterlijk van een grafiek is dus cruciaal om de aandacht van het publiek vast te houden.

  • Het gedragsniveau: Vervolgens beoordelen gebruikers een visualisatie op bruikbaarheid, oftewel het gedragsmatige verwerkingsniveau. Met andere woorden: het publiek moet met de visualisatie het punt van de auteur kunnen zien.

  • Het reflectieve niveau: Na interactie met de visualisatie kijken gebruikers terug op hun ervaring. Zo zal een gebruiker een datadashboard waarschijnlijk opnieuw gebruiken als de ervaring achteraf als prettig wordt beoordeeld.

Meer tips voor dataverhalen

Dit artikel liet zien hoe datateams dataverhalen kunnen versterken met doordacht ontwerp. In het tweede deel van de blogpost geven we meer praktische tips om uitstekende dataverhalen te presenteren.

Onderwerpen
Data Science
Gerelateerd

blog

AI vanaf nul leren in 2026: een complete gids van de experts

Ontdek alles wat je moet weten om in 2026 AI te leren, van tips om te beginnen tot handige resources en inzichten van industrie-experts.
Adel Nehme's photo

Adel Nehme

15 min

Meer BekijkenMeer Bekijken